Beenlengteverschil

Bij beenlengteverschil is de afstand tussen bekken en enkel in het ene been anders is dan in het andere. De helft van alle volwassenen heeft een beenlengteverschil van minder dan twee centimeter.

Beenlengteverschil kan aangeboren zijn (ongelijke lengte of ongelijke vorm van het been). Maar het kan ook een gevolg zijn van een groeistoornis of botbreuk.

Lees meer: Beenlengteverschil

Klachten

Een beenlengteverschil hoeft geen klachten te veroorzaken.
Het lichaam zal echter altijd proberen de scheefstand te compenseren. Hierdoor kan bekkenscheefstand en een asymetrische opbouw van de wervelkolom (scoliose) ontstaan. Dit kan weer rug-, nek- en schouderklachten veroorzaken.

Lees meer: Klachten

Behandeling

Een beenlengteverschil moet eerst door uw podotherapeut of fysiotherapeut onderzocht worden. De podotherapeut kan het beenlengteverschil precies bepalen.

Als blijkt dat met oefeningen of mobiliseren van uw rug of bekken geen vermindering hiervan wordt gezien dan kan een beenlengteverschil gecompenseerd worden door een hakverhoging. Deze hakverhoging kan in de schoen gemaakt worden, onder de hak van de schoen of in de slipper verwerkt worden.

Lees meer: Behandeling

Zlippo

Bij slippers is correctie of een hakverhoging vaak niet mogelijk.

Wel bij de slippers van Zlippo. In uw Zlippo kan een compensatie voor een beenlengteverschil gemaakt worden. Tot 10 mm is het aan de buitenkant nauwelijks zichtbaar.

Ook andere correcties die uw voeten nodig hebben worden er in aangebracht. Vraag uw podotherapeut voor Zlippo of ga naar een podotherapeut die met Zlippo werkt.